advocaat walter van steenbrugge

Het woord van Walter – 24 juli 2026

Er was en is wel veel te doen over het door de FIFA inslikken van de rode kaart van Balogun, de gevreesde spits van U.S.A.

Wereldwijde verontwaardiging, uiteraard ook in België nu de Rode Duivels het kind van de rekening dreigden te worden want België had mogelijk kunnen profiteren van de schorsing van de voetbalspeler.

De burger vond het niet kunnen dat zonder enige vorm van proces het oordeel van de bevoegde instantie (te weten : de scheidsrechter die rood had getrokken) zomaar opzij kon gezet worden.

Bleek ook nog dat Trump vóór de intrekking had gebeld met de baas van de FIFA, Infantino, die zich blijkbaar nogal infantiel de les liet spellen.

De roep om onafhankelijkheid van de rechtspraak en het respect voor vele andere belangrijke rechtsprincipes gingen viraal.

Prima, dacht ik, al vond ik het nadien eveneens prima dat ene Brandon Mechele zijn opponent op het veld in zijn blauwzwarte achterzak had gestopt.

Daags nadien moest ik een belangrijke voorhechteniszaak- zijn ze dat niet allemaal?- bepleiten.

Vóór de behandeling van de zaak -ik wou net schrijven vóór de aftrap- stapte de aanklager de beraadslagingskamer binnen alwaar de oordelende rechter zat.

Het duurde toch een hele poos alvorens ikzelf naar binnen mocht om er mijn argumenten op tafel te leggen.

Ik vroeg me af of tijdens het voorafgaand onderonsje over het verlies van de Rode Duivels tegen Spanje was gepraat dan wel over de blijvende suprematie van Pogacar in de Tour.

Het betoog van de aanklager ter staving van zijn stelling duurde amper één minuut. Hij vroeg per direct de verdere opsluiting van mijn client, en dit in de door minister Annelies Verlinden genoemde “recidive-fabrieken”.

Een merkwaardig kort rekwisitoor.

Korte tijd nadien volgde het verdict : cliënt bleef in de gevangenis.

Protest, zoals na de intrekking van de rode kaart van Balogun, kwam er niet. Nochtans ging het niet over een partijtje voetbal maar over de vrijheid van een jonge man.

Het Europees Hof voor de rechten van de Mens is terzake duidelijk :de loutere schijn van partijdigheid volstaat om een schending van art. 6 § 1 van het Verdrag op te leveren, ook al wordt de vooringenomenheid van de rechter niet aangetoond.

De arresten Piersack en De Cubber waarbij België telkenmale werd veroordeeld dateren van resp. 1982 en 1984.

Tijden lijken veranderd en dat komt niet enkel door Trump.

 

Walter Van Steenbrugge
24 juli 2026